Mijn dochter is perfect, met afwijking!

  • door Gastmama

De woorden afwijking en beperking klinken maar negatief, alsof je kindje 'minder goed' is. Deze gastmama doet haar verhaal in een brief aan haar dochter. Haar dochter die perfect is, ondanks dat ze geboren is met een 'afwijking.' 

Lieve dochter,

Op zich is 5 januari niet zo een bijzondere datum. Géén eerste rol op je buik, eerste tandje of eerste stapje. Géén zoveel maand oud, doopfeest, Kerst of Sint. Gewoon, het is 5 januari. En toch… voor mama en papa was het een dag dat we nooit zullen vergeten. Exact een jaar geleden kregen we te horen dat jij een kleine, lieve meid zou worden. Euforie! Het was de ‘befaamde’ twintigwekenecho en jij had je tot dan goed weten te verstoppen, kleine snoodaard.

En toen moest mama van de gynaecoloog even een rondje gaan wandelen, zomaar. Je lag niet fantastisch goed, waardoor hij je hoofdje niet goed kon bekijken, dus moest je even draaien. Mama en papa waren euforisch, je was een kleine meid! Nu al een tikkeltje koppig, er werd ook heel wat afgelachen op de gang. Mama moest dringend plassen, maar de gynaecoloog had liever van niet. Papa maakte er heel wat mopjes over, we hadden helemaal niet door dat er heel wat heen-en-weergeloop was in het kantoor van onze gynaecoloog. We waren te druk bezig met gelukkig te zijn.

Wat een lelijk woord

Toen we na een dikke tien minuten terug binnen mochten – mijn arme blaas! – werd er naar je hoofdje gekeken. Alles was helemaal top, hoera! En toen kwam de ‘maar’. ‘We hebben toch wat gezien op de echo, mevrouw.’ We? Hoezo ‘we’? Wie heeft dat hier nog allemaal gezien? Wat? Hoe? Waarom? Je had een afwijking... God, wat is dat een lelijk woord. Alsof je minder bent, niet goed genoeg. Het woord beperking klinkt al even vies.

Hoe ernstig was deze afwijking? Moeilijk te zeggen. Op zich niet zo erg, het valt op te lossen – toch een kleine opluchting – en dan alweer die ‘maar’. 'Je kleintje heeft hierdoor verhoogde kansen op genetische afwijkingen'. Of we een vruchtwaterpunctie wilden doen? We hoorden het donderen in Keulen. Er kwam opeens zoveel op ons af. Meteen van onze roze wolk geduwd. Of we er nog een nachtje wilden over slapen … En hup: daar stonden we terug op de gang. Volgende week een nieuwe afspraak en mama die naar het toilet spurtte en het maar net op tijd haalde. Het UZ, niet mijn beste vriend.

Pittig en sterk dametje

Maar vandaag zijn we dus 5 januari, een jaar verder. Je bent ondertussen bijna 8 maanden oud en (meestal ;-)) een droom van een baby. Die roze wolk hebben we na je geboorte gelukkig snel teruggevonden, al was het niet altijd evident. Elke week met jou naar het UZ. Je kleine beentjes elke keer opnieuw in het gips, elke week gekrijs, elke week mijn moederhart dat brak. Maar wat ben jij een klein, pittig en sterk dametje. Je hebt je eigen willetje en de mooiste lach ter wereld.

En hoewel mama zich soms nog zorgen maakt dat je motorisch niet snel genoeg vooruitgaat, dan is er nog altijd de papa om mij gerust te stellen. Je voetjes zitten vast in schoentjes met een metalen lat en daar hangt nogal wat gewicht aan, maar toch vliegen die benen in de lucht alsof het niets is, je rolt ook, al ben je soms een tikkeltje lui. Je gaat naar de kine en dat vind je meestal niet plezant, net zoals op je buik liggen. Maar jij bijt door… en wij dus ook. Je bent een echt vechtertje!

Wat de toekomst ons brengt, dat valt niet te voorspellen. Wij hopen dat je snel van die schoentjes, de kine en de last vanaf bent. Dat je snel kan ravotten, zoals alle andere kleine meisjes. Maar wat er ook gebeurt, onthoud vooral goed: mama en papa houden van jou en zijn zo fier op wat jij op deze korte tijd al hebt doorsparteld. Topwijf!

Liefs,

mama