Moet jij ook zoveel van jezelf?

Misschien heb jij dan wel perfectionisme. Moeten. Dat is hét kernwoord van perfectionisme. Mensen met perfectionisme moeten continu heel veel van zichzelf. Ze vinden het moeilijk om te genieten. Met perfectionisme word je niet geboren. Wel kan je er aanleg toe hebben. Maar het is vooral jouw omgeving die ervoor zorgt/zorgde dat je perfectionistisch gedrag vertoont.

Bijvoorbeeld:

  1. De druk van je ouders (of andere familieleden) om goed/beter te presteren, hun hoge verwachtingen.
  2. De druk van leerkrachten om goed/beter te presteren. Ons schoolsysteem is zeer prestatiegericht.
  3. Van jongs af aan moeten zorgen voor anderen of veel rekening moeten houden met anderen.
  4. Uit je comfortzone gehaald worden (bijvoorbeeld door een verhuis).
  5. Traumatische ervaringen zoals gepest worden.

Enkele symptomen van perfectionisme

  • Je wil anderen pleasen, je kan moeilijk nee zeggen
  • Je cijfert jezelf weg voor anderen.
  • Je hebt hoge kwaliteitseisen, zowel op je werk als thuis
  • Je wil dat alles perfect is, voor minder ga je niet
  • Je bent veel bezig met details
  • Je hebt last van faalangst
  • Je hebt angst om er niet bij te horen
  • Je bent altijd aan het denken, je kan niet tot rust komen
  • Je vind het moeilijk om te delegeren
  • Je hebt last van uitstelgedrag, net omdat je denk dat het niet goed genoeg zal zijn
  • Je kan moeilijk grenzen stellen, je voelt je voor veel dingen verantwoordelijk
  • Je blijft gaan, je luister niet naar de (stress)signalen van je lichaam

Perfectionisme aanpakken

De volgende tips haal ik uit het boek ‘Zeg me dat ik oké ben’ van Marcel Hendrickx:

  1. Ga van denk-modus naar doe-modus. Stel jezelf volgende vraag: wat kan ik nu doen? Of hang post-itsjes op verschillende plaatsen in je huis met volgende boodschappen op: ‘doe iets!’, ‘doen!’ of ‘begin eraan!’
  2. Verleg de focus van de ander naar jezelf. In plaats van je af te vragen wat de ander vindt, wil of denkt, kan je jezelf wat vaker volgende vragen stellen: wat vind ik hiervan? Wat wil ik? Hoe zie ik dit? Wat is mijn mening hierover?
  3. Verleg de focus van wat (nog) niet goed gaat naar wat wel al goed gaat. Dit kan je doen door jezelf volgende vragen te stellen: wat is wel goed? wat heb ik vandaag goed gedaan? Wat is hier helemaal oké? Wat is er wel mooi aan mij? Waar ben ik blij om als ik naar mijn resultaat kijk?
  4. Probeer de verantwoordelijkheid los te laten. Dit kan door jezelf volgende vragen te stellen: moet ik dit doen? Is dit mijn verantwoordelijkheid? Is dit voor mij? Wie moet dit doen? Wiens verantwoordelijkheid is dit?
  5. En last but not least: probeer mild te zijn voor jezelf. Neem tijd voor een lunch, kruip op tijd in bed, dans, maak tijd voor je hobby,…

 

Meer lezen kan op Taketheleap.