Zo is het om papa te zijn: 5 persoonlijke, vaderlijke inzichten

  • door Papa

Enkele jaren geleden vroeg een vriend mij hoe het is vader te zijn en wanneer je er klaar voor bent om kinderen te krijgen. Vrijwel alle mama’s en papa’s hebben die vraag al wel minstens één keer voorgeschoteld gekregen. En waarschijnlijk ben ik niet de enige die een echt, concreet antwoord schuldig moest blijven.

Vijf jaar na de geboorte van ons dochtertje en ondertussen ook papa van twee zoontjes, moet ik tot de conclusie komen dat ik wel een antwoord kan verzinnen op dat soort vragen, maar dat mijn antwoorden nog steeds “onder constructie” zijn en dat ze dat wel nog lange tijd zullen blijven. Inzichten, die zijn er wél in groten getale bijgekomen en vooral ook het besef dat er niets anders je leven zo op zijn kop zet als kinderen.

Daarom: de top-5 van mijn persoonlijke, vaderlijke inzichten tot nog toe.

1. Aanleg vs opdracht

Om meteen met een ambetante bekentenis te starten: na vijf jaar papa-zijn, moet ik erkennen dat mijn vrouw meer aanleg heeft voor kinderen dan ik. In de weer zijn met die drie toppertjes zit haar in het bloed, terwijl ik het, heel spijtig genoeg, vooral nog zie als een van de dagelijkse opdrachten. 

Ik kan gigantisch genieten van onze kinderen, maar zeker nog niet vaak genoeg, want: ik moet op tijd naar mijn werk, Guus zijn flesjes moeten nog afgewassen en gesteriliseerd worden, Floor mag niet te laat komen in de dansles, Bas-tast-naar-zijn-weewee-en-moet-zo-snel-mogelijk-op-die-wc-zien-te-geraken-vooraleer-hij-nattigheid-begint-te-voelen, enz. Volgende opdracht dus: meer leren genieten en minder nadenken…

2. Bio-niet-me

Ouders met pestpuistpubers hoor ik vaak zuchten dat hun kroost tot (na) de middag in hun bed ligt te stinken. Eens we in die levensfase aanbeland zijn, zal ik hen waarschijnlijk volmondig gelijk geven, inclusief het bevestigen dat grote kinderen inderdaad voor grotere problemen zorgen, maar op dit moment kan ik maar denken: “brain computer says no.” Terwijl ik dit schrijf bijvoorbeeld, ben ik al drie uur wakker en staat onze buurjongen waarschijnlijk pas binnen drie uur op. 

3. Praktische kennis

Toegegeven: zolang we enkel nog maar ons dochtertje hadden, was het papa-zijn een ijskoud kunstje, in die zin dat mijn vrouw zich het meest ontfermde over alle kindjesdingen. Eens de tweede erbij kwam, begonnen mijn vaderlijke bezigheden pas écht, waar ik overigens allerminst om maal. We hebben samen voor onze drie kinderen gekozen, dus moeten we ook samen op de blaartjes in drievoud zitten. Kinderen krijgen heeft me in dat opzicht vooral ook veel praktische dingen bijgebracht: de pot waarin de aardappelen aan het koken zijn, slaat al jaren niet meer zwart uit achteraf, ik plooi de was op met dienstchequerige deskundigheid, opruimen en afwassen is mijn tweede natuur geworden en ik kan Olaf en Kabouter Wesley zo realistisch tekenen dat onze eigen Elsa het verschil met de originelen niet meer ziet.

4. Opletten wat je zegt

Hoe ouder onze kinderen worden, hoe meer ik moet leren opletten met wat ik hen zeg en leer:

  • dat ze wat kunnen vuilbekken in verschillende talen, waaronder Arabisch, Duits en Engels, vind ik nog steeds grappig (en misschien ooit ook wel handig), maar als ze hun nieuwe vocabularium te pas en te onpas op het speelpleintje om de hoek beginnen te gebruiken, wordt het potentieel misschien wat minder grappig en handig;
  • liedjes van het wat lichtere genre verzinnen om hen dingen aan te leren, is hier ook een dagelijkse bezigheid, maar als de babysit er is en Bas komt al zingend “Piemel in de pot, piemel in de pot, lalala lala” (nvdp: op de melodie van “Zak eens lekker door”) de keuken binnen, dan krijg je sowieso vreemde blikken toegeworpen;
  • hen voor het slapengaan een verhaaltje van Kabouter Wesley vertellen, is voor zowel de papa als de kindjes een win-winsituatie, maar als Floor binnen een jaar of twee zelf vlot zal kunnen lezen, bergen we “de Wezze”, zoals Bas hem noemt, best ergens ver weg op, want passages over kabouters die onchristelijke handelingen uitvoeren met dieren zijn waarschijnlijk opvoedkundig niet helemaal verantwoord…

5. De tijden zijn -terecht- veranderd

Als mijn ouders op bezoek komen, bedenk ik me telkens weer dat mijn vader toch een opvoedkundig luizenleventje heeft gehad. Opvoeden en alle huishoudelijke bezigheden errond was thuis voor 99,43 % de opdracht van mijn moeder – en dat deed ze voortreffelijk, hoewel ze tegelijkertijd zelf ook nog onthaalmoeder was. Vaderlijke interventies vonden vooral plaats als mijn broer en ik het eens te bont maakten of als het schoolrapportentijd was. Binnen ons eigen gezinnetje is er op dat vlak veel meer sprake van een 57-43-verhouding wat betreft de dagelijkse bezigheden, en terecht ook, natuurlijk: samen uit (werken), samen thuis (ook werken). Toch moet ik bekennen: als mijn ouders op bezoek komen, bedenk ik me telkens weer dat mijn vader op dat vlak toch potverdomme een gelukzak is geweest. Enkele dagen dertig jaar terug in de tijd gaan zou soms eens ferm deugd kunnen doen…