Dit is geen makkelijke tekst om te schrijven. Niet omdat het zo ingewikkeld is, maar omdat het over zo’n kwetsbaar thema gaat. Over een onderwerp waar nog altijd een taboe op rust. Omdat het gaat over gevoelens waar je als (aanstaande) mama eigenlijk niet mee zou mogen worstelen. Gevoelens waar amper over gepraat wordt, en die vaak meteen veroordeeld worden.
Ik was teleurgesteld toen ik hoorde dat ik zwanger was van een meisje.
Daar. Het staat er.
Al zolang ik me kan herinneren, zag ik mezelf als een jongensmama. Ik droomde van een zoontje. Niet per se van voetbal of auto’s — maar van dat beeld. Dat gevoel. Dat idee. Ik voelde me daar zó zeker over dat ik eigenlijk nooit ruimte had gelaten voor iets anders.
En toen kwam het moment van die echo. En de woorden: “Het is een meisje.”
Mijn man stond ogenblikkelijk te stralen. En ik… glimlachte, knikte, deed wat van mij verwacht werd. Maar vanbinnen voelde ik vooral verwarring. En schuld. En verdriet dat ik niet durfde toe te laten.
Ik heb niks met roze. Niks met prinsesjes, tutu’s of clichés die bij meisjes horen. Ik herkende mezelf niet in het beeld dat ik automatisch in mijn hoofd kreeg. En plots voelde ik me een vreemde in mijn eigen zwangerschap. Alsof ik iets verloren had waarvan ik niet eens wist dat ik het zo hard vast hield.
Wat het nog zwaarder maakte, was dat ik het gevoel had dat ik moest zwijgen.
Want hoe zeg je zoiets hardop? Hoe vertel je iemand dat je moeite hebt met het geslacht van je baby, zonder meteen als ondankbaar, koud of “geen echte mama” bestempeld te worden? Dus zei ik niks. Ik vocht in stilte.
Bijna mijn hele zwangerschap heb ik geworsteld met die negatieve gevoelens. Ik probeerde ze weg te duwen, mezelf toe te spreken, mezelf te corrigeren. “Doe normaal, wees blij.” Maar gevoelens luisteren niet naar je ratio of naar enige vorm van logica. Ze zijn er gewoon.
En toch — en dit wil ik zo graag zeggen tegen iedereen die zich hierin herkent — die gevoelens bepaalden niet wie ik ben als mama.
Want toen ze er was…
Toen ik haar zag. Toen ik haar vastnam. Toen ze haar ogen opendeed en haar handje rond mijn vinger sloot… verdween alles. Echt alles. Geen twijfel. Geen teleurstelling. Geen afstand.
Alleen liefde. Een overweldigende golf van vanzelfsprekende liefde.
Ik voelde vooral opluchting. Opluchting dat mijn donkere gedachten tijdens de zwangerschap geen enkele impact hadden gehad op hoe ik mij nu voelde. Dat mijn hart exact wist wat het moest doen. Dat zij niet “het meisje dat ik niet wilde” was, maar gewoon… mijn dochter. Perfect zoals ze is.
Ik schaam me niet meer voor wat ik voelde.
Want dat zegt niks over hoe goed of slecht ik ben als mama. Het zegt alleen dat ik mens ben. Dat verwachtingen soms botsen met de realiteit. En dat het soms wat tijd vraagt.
Dit is mijn verhaal. En misschien ook een beetje dat van jou.
En als dat zo is: je bent niet alleen. 🤍