En dan zegt hij dat er moet gepraat worden …

Ik had mijn shit together. Ken je dat? Het gevoel dat je soms overvalt dat het eigenlijk best wel goed gaat? Als je naar het nieuws kijkt en beelden ziet die ergens ver van jouw thuis aan het gebeuren zijn. Die je kippenvel geven en een gevoel van oneerlijkheid uitschreeuwen.

Voor je naar bed gaat, neem je nog een kijkje en zie je je kinderen slapen. Beentje uit bed, dierbare knuffel in de hand. Je gaat naar je eigen kamer en kruipt in bed naast je partner. Nog voor je al die checklists van de volgende dag kunt overlopen, val je al in slaap.

Drukte van de dag

In de ochtend herinner je je nog de beelden van gisteren, maar de ochtendrush neemt al snel de plaats in van de vluchtende massa door weer en wind. Je hebt immers nog maar een kwartiertje om jouw massa in de auto te krijgen met schoenen, jassen, mutsen en boekentassen gevuld met dozen in alle gepaste koek- en fruitformaten. (Hoera, voor warme maaltijden op school!)

De drukte van de dag gaat verder en in de middagpauze komen die vreselijke beelden ook bij je collega’s ter sprake. “Of je ze gezien had” en “Wat ze met je deden” en dat zijn eigenlijk retorische vragen. Je had onder een steen moeten wonen om ze niet te zien. Iedereen had ze gezien en stil gestaan bij de afschuw die ze opriepen. Om dan een mening te vormen en in slaap te vallen.

Nieuwe drukte, tijd om de kinderen te gaan ophalen en nog snel dat missende ingrediënt voor het avondeten te halen. (Dat lijstje voor het slapengaan had je beter toch gemaakt) En na het geruzie aan de kassa waarom ze geen ‘eitje met een speeltje’ erin krijgen van dat ene merk… keer je huiswaarts naar je veilige cocon.

Er hangt iets in de lucht

Je komt thuis en je voelt onmiddellijk dat er iets anders is. Het is de lucht. Er hangt iets in de lucht. Je begint aan het eten, de badronde met het verplichte tandenpoetsen met ruikritueel, het notoire filmpje en verhaaltje voor het slapengaan.

Wanneer je naar beneden gaat en dat eerste checklistje terug begint af te lopen: “in de boekentassen hoort” , “wie heeft er morgen turnles?” en niet te vergeten “wie haalt er straks de kinderen terug op?” krijg je kippenvel. Er hing iets in de lucht.

Dat staat nu klaar in de gang. Met een koffer, zijn jas hangt er over en dan volgt de boodschap dat er moet gepraat worden.

De lijstjes verdwijnen, er wordt gepraat van zijn kant en jij hoort het aan maar je luistert niet. Het komt niet binnen. Je stemt met alles in en laat hem vertrekken. Daarna werk je je lijst af. Je gaat in de zetel zitten met in de hand een fles en een glas wijn, zet de televisie aan.

De beelden raken je niet meer

Daar zijn ze weer, die verschrikkelijk beelden. Maar je hebt er geen zin in. Ze raken je niet meer. Ze doen je letterlijk niets. Ze lijken over je heen te zweven, door je te gaan.

Je gaat niet naar bed, je gaat ook geen lijstjes meer na, je gaat niet kijken naar je kinderen. Ze worden wakker en je zit in je kleren van gisteren voor de televisie.

Maar de boekentassen zijn klaar...